Proces over dodelijk Stint-ongeval begint: OM vervolgt leidinggevenden, maar bewijs blijft omstreden

Op dinsdag 9 december start in ’s-Hertogenbosch het strafproces tegen twee leidinggevenden van de fabrikant van de Stint, de elektrische bakfiets die wordt gebruikt voor het vervoer van kinderen. Aanleiding is het tragische ongeval in Oss op 20 september 2018, waarbij vier kinderen om het leven kwamen toen een Stint op een spoorwegovergang in botsing kwam met een naderende trein.

Voor de zaak zijn zes zittingsdagen ingepland: 9, 10, 11, 15, 17 en 18 december. 19 december is aangekondigd als reservedatum. De behandeling vindt plaats bij de rechtbank Oost-Brabant locatie ‘s-Hertogenbosch.

Deze website heeft vele artikelen gepubliceerd over de Stint. Het voertuig is na het ongeval aangepast en heet nu de BSO Bus.

OM vervolgt voor dood door schuld

Het Openbaar Ministerie heeft besloten om twee leidinggevenden te vervolgen voor dood door schuld. Volgens het OM wisten zij dat de Stint niet veilig was en hebben zij desondanks nagelaten het product aan te passen of uit de handel te halen. Daarmee zouden zij verantwoordelijk zijn voor de fatale afloop.

Hoe het OM die stelling denkt te onderbouwen, is nog niet helder. Tot nu toe is er geen bewijs gevonden waaruit blijkt dat het ongeval is veroorzaakt door een technisch defect. Wel stelde het OM al eerder expliciet dat de bestuurster geen schuld had aan het incident.

Technische onderzoeken vol vragen

Het ongeval leidde tot meerdere onderzoeken, waarvan het rapport van toezichthouder ILT het meest besproken was. Een van de opvallendste conclusies was dat het soldeer in bepaalde onderdelen een te laag smeltpunt zou hebben en daardoor kon smelten. Deskundigen hebben vraagtekens gezet bij die theorie: zij wijzen erop dat de aannames technisch onwaarschijnlijk zijn en niet door bewijs worden ondersteund.

De massale terugroepactie van alle Stints en het stilleggen van het gebruik van het voertuig zorgden destijds voor grote maatschappelijke en economische gevolgen. Kinderopvangorganisaties en gemeenten moesten op korte termijn overstappen op alternatieve vervoersmiddelen.

Beschuldigingen van politieke druk

Bij zowel gebruikers als deskundigen leeft de indruk dat de strafzaak en het eerdere verbod op de Stint verder gaan dan alleen verkeersveiligheid. De vraag is opgeworpen of politieke belangen een rol hebben gespeeld. De producent en de gebruikers leden grote financiële schade door besluiten van de toenmalige minister. Voor critici lijkt het erop dat de verantwoordelijkheid voor gebrekkige wet- en regelgeving of toezicht mogelijk is verschoven richting de fabrikant.

In de komende weken zal duidelijk worden of het OM zijn verdenking kan onderbouwen of dat het proces opnieuw vragen oproept over verantwoordelijkheid, politieke druk en de zoektocht naar gerechtigheid na een van de meest aangrijpende verkeersongevallen van de afgelopen jaren.

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *