Vragen van Tweede Kamer aan minister over LVB Schiphol en convenant
Op 6 juni hebben de partijen van de Tweede Kamer tijdens een schriftelijk overleg vragen gesteld aan de minister over oa het nieuwe LVB voor Schiphol. Het verslag is hier te lezen.
De Partij voor de Dieren stelde al enige partij een aantal vragen over het convenant. KLM en Schiphol hebben een aantal maatregelen voorgesteld. Die zijn overgenomen door toenmalig minister Harbers. Het is uiteraard van belang van KLM en Schiphol haar afspraken nakomen.
Het convenant staat pas op de Schiphol roadmap om te worden ondertekend in september 2025.
De vragen van de PvdD:
De leden van de Partij voor de Dieren-fractie lezen dat maatregelen die
KLM en Schiphol zelf moeten nemen volgens het kabinet onderdeel zijn
van het verminderen van de hinderreductie. Het gaat om op papier stillere
vliegtuigen, additionele vlootvernieuwing en tariefdifferentiatie. Op basis
van de veronderstelde acties van KLM en Schiphol is het maximumaantal
vluchten berekend. Hiervoor moeten convenanten getekend worden.
Klopt het dat convenanten met Schiphol en KLM nog steeds niet getekend
zijn? In welke mate zijn de afspraken in convenanten hard afdwingbaar en
hoe precies? Waarom kan de Minister de convenanten met KLM en
Schiphol pas voor het herfstreces met de Kamer delen, terwijl de
maatregelen zelf al wel onderdeel zijn van de «balanced approach»-
procedure? Over welke punten is de Minister nog in onderhandeling met
Schiphol? Hoe groot acht de Minister de kans dat KLM en/of Schiphol de
convenanten niet willen tekenen, nu de geluidsreductiedoelen zijn
aangepast (autonome verstilling meegenomen wordt) en de druk dus
minder groot wordt? Als KLM en/of Schiphol de convenanten niet wil(len)
tekenen, wat betekent dat dan voor de kans op het behalen van de
geluidsreductiedoelen? Als KLM en/of Schiphol de convenanten niet
wil(len) tekenen, welke mogelijkheden heeft de Minister dan om actie af te
dwingen van deze sectorpartijen?
Op 22 juli heeft de minister antwoorden gegeven op de vragen.