Hoe wordt het effect van tariefdifferentiatie Schiphol berekend

Een van de maatregelen in het pakket van toenmalig minister Madlener om geluidsoverlast rond Schiphol te reduceren is tariefdifferentiatie. Door lawaaiige vliegtuigen meer te laten betalen is de verwachting dat luchtvaartmaatschappijen hun stilste toestellen inzetten naar Schiphol.

Het Ministerie van IenW, KLM en Schiphol kwamen alle drie op een verschillend percentage uit van het effect van de tariefdifferentiatie. Dat is verklaarbaar doordat het bepalen geen exacte wetenschap is. Het is namelijk lastig tot onmogelijk om exact te bepalen wat een luchtvaartmaatschappij gaat doen bij hogere tarieven.

De tariefdifferentiatie levert geen minder aantal vluchten op. Een lawaaiig toestel kan worden vervangen door een stiller toestel.

Wat wel kan worden bepaald is hoeveel vluchten ongeveer aangepast gaan worden bij de verwachtingen van IenW, KLM en Schiphol.

IenW met input van To70 kwam tot een aantal van 12.743 vluchten waarvan het type vervangen zou kunnen worden als gevolg van de tariefdifferentiatie.

Het effect daarvan op de vier doelen staat in onderstaande kolom met de titel ‘ Stimulate use of quieter aircraft through airport charges’.

In de beslisnota die de minister in december naar de Tweede Kamer stuurde staat dit;

Om het geluidsdoel van -17% in te vullen met de aannames voor tariefdifferentiatie van Schiphol is een capaciteitsreductie tot 470.000 tot 472.000 bewegingen nodig om het doel in te vullen. Het individuele effect van de maatregel tariefdifferentiatie op het meest beperkende doel (de 58 Lden contour is -2% ipv -1.3% bij de aannames van IenW)

Uit de expert review van Beelining komt de volgende tekst

Het verschil van 0,7% is dus een verschil van (19.900-12.700) is 7.200 vluchten.

1% verschil komt dan op ruim 10.000 vluchten.

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *