Guus Berkhout doet boekje open over geluidbeleid Schiphol
In Witte Weekblad Uithoorn vertelde professor Guus Berkhout hoe de Nederlandse overheid omging met zijn adviezen over geluidsbeleid Schiphol rond de periode 2000-2002.
De minister gaf de commissie Berkhout destijds twee opdrachten. Ten eerste is haar opgedragen de Ke-systematiek om te zetten in de Lden-systematiek, een Europese maat.Ten tweede moet de commissie bekijken hoe er van rekenen naar meten kan worden overgegaan. Het probleem van meten is dat allerlei
ander lawaai zich vermengt met het vliegtuiggeluid, zonder dat dit gemakkelijk uit elkaar te halen is.
In deze blog geef ik een uitleg over de beide stelsels (Ke en Lden).
In de jaren 2000-2002 was prof. Guus Berkhout voorzitter van de naar hem genoemde Commissie Berkhout, die als onafhankelijk adviesorgaan onderzocht of een nieuw geluidnormenstelsel voor Schiphol omwonenden minstens de bescherming bood van het oude. De commissie waarvan Berkhout voorzitter was, legde in 2002 haar opdracht neer, omdat in zijn woorden de overheid de waarheid niet wilde horen. Dat was nadat de commissie-Berkhout een ambtelijk secretaris van het ministerie van Verkeer en Waterstaat kreeg toegewezen en aan zijn onafhankelijkheid werd gemorreld. Zijn commissie moest een half jaar wachten op goedkeuring van het werkplan over metingen.
De commissie gaf in een brief aan de minister, de opdrachtgever het volgende aan:
,,De reden voor deze stap is de volstrekt onvoldoende ruimte die de commissie krijgt om in de komende jaren haar werkzaamheden naar behoren en op onafhankelijke wijze uit te voeren”, schreef de commissie in een brief aan de Tweede Kamer.”
In een artikel door NRC met de titel “Rookgordijn rondom lawaai Schiphol ‘zegt Berkhout:
Wij zijn de afgelopen twee jaar keer op keer verkeerd geciteerd. We kregen geen informatie omdat die `vertragend’ zou werken of `niet relevant’ zou zijn.
In de Volkskrant meer info over het verkeerd citeren door de minister in een artikel met de kop ‘Ministerie citeerde geluidsexperts telkens fout’
Op 2 juli 2001, Berkhout is dan een jaar actief als voorzitter van een commissie die de gevolgen van de uitbreiding van Schiphol onderzoekt, wordt het hem te veel. ‘Uw dienst zal bij communicatie over de inhoud van adviezen van de commissie deze adviezen juist en volledig citeren en interpreteren’, schrijft Berkhout aan minister Tineke Netelenbos.
Als Berkhout bij lezing van de Voorlopige milieu-effectrapportage (MER) de fout ontdekt is hij furieus. ‘Het is verontrustend dat de adviezen die opgesteld zijn door de Commissie deskundigen vliegtuiggeluid in de MER op belangrijke punten onjuist geïnterpreteerd en zelfs onjuist geciteerd zijn’, schrijft Berkhout op 5 oktober aan directeur-generaal Erik Bussink van Verkeer en Waterstaat. ‘Ik verzoek u de MER aan te passen.’
Volgens Berkhout zelf “verzocht het ministerie de luchtvaartsector heimelijk de commissie geen informatie meer te verstrekken. “.
Berkhout geeft in dit stuk aan dat zijn commissie alleen kon beschikken over informatie aangedragen door het ministerie.
Waarom mag de commissie voor de evaluatie niet haar eigen informatie inwinnen maar is ze afhankelijk van de informatie die het ministerie haar gaat verschaffen? Als het ministerie ervan
overtuigd is dat het stelsel zo goed is als zij zegt, dan is er toch niets om bevreesd over te zijn?
In een debat in de Tweede Kamer in december 2002 wordt het onderstaand door de heer Duyvendak (GL) gezegd:
Het laatste jaar is de commissie steeds strakker aan een touw gelegd. Heel helder is dit te zien in de bijlage van de brief van 18 september 2002. Die hele bijlage leest als één grote inperking. Het woord “gelijkwaardigheid” komt er zelfs niet meer in voor. De commissie mocht zelf geen informatie meer verzamelen, maar moest werken op basis van informatie van het ministerie.
De Commissie Berkhout wilde een bredere opdracht dan die werd gegeven door de Minister. Dat was een belangrijke reden voor het teruggeven van de opdracht. Een debat in de Tweede Kamer maakt dit duidelijk. Staatssecretaris Schultz van Haegen”De commissie geeft aan dat zij het hele stelsel wil bekijken en niet alleen de elementen die wij noemen.”
Het Lden-stelsel had er wat Berkhout betreft nooit mogen komen: “Het was ingewikkelder, minder transparant en bood minder bescherming.” Een volgende commissie, de Commissie Eversdijk, kwam tot dezelfde conclusies.
Berkhout wordt geciteerd in een stuk van de Raad voor Openbaar Bestuur als reactie op rapport ‘De schaduwmacht. Deinvloed van politieke commissies’
‘Deskundigen moeten ervoor zorgen dat op basis van gegeven doelstellingen (voor
Schiphol: een betere bescherming van de burgers) feitelijke informatie op tafel komt (voor
Schiphol: de werkelijke geluidbelasting rondom de luchthaven) zodat een
wetenschappelijk verantwoorde analyse kan worden gemaakt (voor Schiphol: geeft het
nieuwe stelsel inderdaad een betere bescherming?). Hieruit volgt dan het uiteindelijke
advies. De politiek kan uiteraard vanuit normatieve overwegingen anders besluiten. Daar
moeten adviseurs zich bij neerleggen (…). Bij Schiphol ging het fundamenteel mis omdat
de volgorde werd omgekeerd. Het politieke besluit stond al vóór het adviesproces vast en
de commissie moest daar, hoe dan ook, argumenten bij verzinnen.’
De commissie Berkhout wordt opgevolgd door de ‘Commissie Deskundigen Vliegtuiggeluid’ met drs. Eversdijk als voorzitter. Zijn commissie stelt in 2005 voor om op 130 punten rond Schiphol geluid te berekenen. De luchtvaartsector is tegen het registreren van de overlast in het zogeheten buitengebied. Eversdijk vindt die opstelling niet langer houdbaar.
In het boek ‘Schiphol, een visie op de toekomst‘ kijkt Berkhout terug en geeft hij aan hoe het nu verder moet. Het boek is voor 16,95 verkrijgbaar in de boekhandel. Zie ook: www.aj-berkhout.com.
De Volkskrant scheef in 2003 dit artikel over Berkhout. In december 2002 schreef Trouw over het stoppen van de commissie Berkhout. NRC schreef dit artikel met de titel ‘Rookgordijn om lawaai Schiphol‘