Opdrachtbrief van ILT aan TNO voor technisch onderzoek Stint
Naar aanleiding van een ongeval met een ‘Stint’ in Oss op 20 september 2018 heeft de Inspectie
Leefomgeving en Transport (ILT ) een aanvraag gedaan voor een analyse om de volgende
onderzoeksvragen te beantwoorden.
Het onderzoek door TNO zal naar verwachting tot de jaarwisseling in beslag nemen. Als het aan de minister ligt mag de Stint tot die tijd zeker niet op de openbare weg. Op 1 november volgt de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland in een kort geding aangespannen tegen de minister. De rechter kan mogelijk oordelen dat de schorsing ongedaan moet worden gemaakt.
De aanvraag door ILT aan TNO is hier te vinden en wordt hieronder integraal weergegeven.
1A. Hoe beoordeelt TNO het veiligheidsniveau van het voertuig voor het beoogde gebruik (personenvervoer)
afgezet tegen onder andere de aspecten:
– Reminrichting: alle onderdelen van het voertuig die betrekking hebben op het tot stilstand brengen van het voertuig;
– Aandrijflijn: alle onderdelen van het voertuig die er voor zorgen dat de wielen draaien en het voertuig
voortbeweegt;
– Stuurinrichting: alle onderdelen van het voertuig die betrekking hebben op het (be)sturen van het
voertuig.
En specifiek ten aanzien van:
– de mogelijkheid tot versnellen bij een storing (wegvallen, kabelbreuk etc.) van de 0-kabel;
– de constructie van de gashendel (veer, microswitch etc.);
– de kracht van de handrem op zichzelf en in combinatie met de elektromotor in verschillende snelheden;
– ophoping van warmte in de console en het effect daarvan op de bedrading en de controller;
– de plaatsing van het contactslot op het voertuig in relatie tot de bediening van het voertuig.
1B. In het geval dat TNO het veiligheidsniveau van het voertuig – op zichzelf dan wel in relatie tot het beoogde gebruik – als onvoldoende beoordeelt, welke mogelijkheden acht TNO dan aanwezig om dit alsnog op een aanvaardbaar veiligheidsniveau te krijgen?
2. Wat is de mogelijke invloed van elektromagnetische straling op het functioneren van het voertuig? In het
bijzonder:
– Wekt het voertuig zelf elektromagnetische straling op die de werking van het voertuig kan verstoren?
– Is het mogelijk dat het voertuig wordt beïnvloed door straling van buiten het voertuig?
3A. Welke modificaties hebben het voertuig H304 en H731 ondergaan ten opzichte van voertuig
XRA600EEAPBP120807?
3B. Hoe beoordeelt TNO de invloed van deze modificaties op de veiligheid van het voertuig, zowel op zichzelf als in relatie tot het beoogde gebruik (personenvervoer)?