Minister van Nieuwenhuizen spreekt voor haar beurt. Eventuele meldingsplicht Stint is nog in onderzoek

Minister van Nieuwenhuizen schorste de vergunning van de Stint vorige week. Het gevolg van haar besluit is dat zo’n 3500 Stints in Nederland niet meer op de openbare weg mogen. Echter de minister sprak voor haar beurt over de meldingsplicht van de fabrikant. Die eventuele meldplicht is nog in onderzoek!

Het besluit van de minister is gebaseerd op een voorlopig feitenrelaas van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Deze is een onderzoek gestart naar de oorzaak van het ongeluk met een Stint in Oss. De voorlopige bevindingen in dat feitenrelaas gaven de minister twijfels over de veiligheid van de elektronische bakfiets.

Meldplicht nog in onderzoek

De minister stuurde op 1 oktober een brief  aan de Tweede Kamer waarin zij de schorsing van de Stint bekendmaakte. Daarin geeft zij in een zin die door de lezer als een verwijt naar de fabrikant  kan worden opgevat  aan dat de fabrikant  technische wijzigingen heeft doorgevoerd zonder de Stint opnieuw te laten keuren.

De eerste voorlopige resultaten uit het onderzoek (zie bijlage 2) geven aanleiding tot twijfels over de technische constructie van de Stint. Daarnaast is duidelijk geworden dat er zonder toets technische wijzigingen zijn doorgevoerd ten opzichte van de Stint zoals die destijds is toegelaten.

Hiermee maakt de minister echter een grote fout. Feit is namelijk dat nog helemaal niet is vastgesteld of de fabrikant wijzigingen had moeten laten toetsen! Het ILT onderzoekt namelijk nog of deze toets had moet worden gedaan.

Ik  vroeg de woordvoerder van de ILT  op basis van welke wet, brief of iets dergelijks  de fabrikant een verplichting zou moeten hebben om wijzigingen  door te geven aan het ministerie.

De reactie van de woordvoerder was opmerkelijk aangezien deze tegengesteld is aan wat de minister in haar brief aan de Kamer schrijft.

“dat welke wijzigingen in de loop van de tijd aan de Stint zijn aangebracht, onderdeel is van het onderzoek. Datzelfde geldt voor de vraag of/welke wijzigingen gemeld hadden moeten worden.”

Blijkbaar heeft de minister op basis van het feitenrelaas van de ILT een aanname gemaakt. Dat is overigens niet zo vreemd want het feitenrelaas bevat meerdere opvallende zaken. Zo noemt de ILT het smeltpunt van normaal soldeer 72 graden. Dat is onmogelijk. Normaal soldeer is soldeer dat wordt gebruikt in elektronica en dat smelt bij ongeveer 180 tot 200 graden.

Minister in de fout

Hoe kon de minister nu precies in de fout gaan? Het antwoord ligt mogelijk in de manier waarop de ILT de brief heeft opgesteld. Daarin staan een aantal bijzonderheden die direct door de lezer als onveilig kunnen worden gelezen. Kabels die breken, Chinese software, soldeer die makkelijk smelt en onvoldoende remkracht. Dan leest een opmerking dat de fabrikant het vermogen van de motor heeft aangepast zonder dit te melden ook als een gebrek.

De woordvoerder van de ILT stelt echter dat de benoeming van het aanpassen van de motor “kale feiten” zijn. “Er zijn technische wijzigingen aangebracht en “die zijn niet bij het ministerie voorgelegd”.

Vervolgens stelt de woordvoerder ” De beoordeling van de betekenis van deze loutere feiten volgt in het onderzoek.”

Dit neigt toch wel heel sterk naar het verkeerd informeren van de minister.

Ik stelde de woordvoerder van de minister afgelopen maandag 10 vragen. Het ministerie heeft daarop nog geen reactie gegeven.

 

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *