Op deze wijze heeft minister Madlener de trend van autonome vlootontwikkeling vastgesteld

Er is in de politiek en in de luchtvaart enorm veel discussie over de reductie van het aantal vliegtuigbewegingen van Schiphol. KLM beweert dat door haar nieuwe toestellen er helemaal geen krimp nodig is. De maatschappij vindt dat minister Harbers alle nieuwe Airbus A321neo toestellen moet meetellen als maatregel om geluidsbelasting te reduceren en niet een aantal toestellen.

De Europese Commissie heeft Madlener gevraagd een uitleg te geven over hoe zij heeft bepaald wat de omvang van de autonome vlootvernieuwing is en wat additioneel.

Belangrijk om te weten is dat het in de Balanced Approach procedure gaat over een doel, een referentiesituatie en maatregelen. Het doel, de reductie van 20% van het aantal ernstig gehinderden is bepaald door het kabinet. De EC stelt hier geen vragen over.

De referentiesituatie is de ‘ business as usual’ situatie. Hiermee wordt de ontwikkeling van geluidsbelasting door vliegtuigen bedoelt zonder dat er expliciete maatregelen worden getroffen om deze te verminderen. Vliegtuigen zijn over de periode van tientallen jaren steeds stiller geworden. Er zijn ook maatregelen getroffen op operationeel niveau.

Het verschil tussen het doel en de ontwikkeling van de referentiesituatie (de business as usual) moet worden gerealiseerd met maatregelen. Waarbij de maatregel ‘ reductie van aantal vliegbewegingen’ pas mag worden genomen als andere maatregelen zoals vlootvernieuwing en operationele procedures onvoldoende blijken te zijn om het doel te behalen.

Hoe zit het nu met die ‘ business as usual’ waar de autonome vlootontwikkeling een onderdeel van uitmaakt?

Minister Madlener schrijft hierover het volgende in antwoord op vragen van de Tweede Kamer:

De trend van de autonome vlootontwikkeling is in de eerste fase van het MER2020 onderzoek vastgesteld. Om deze trend vast te stellen is in 2018 achter- en vooruitgekeken. Achteruit op basis van gerealiseerde gegevens tot 2005 en vooruit op basis van de verwachting van wijzigingen in de samenstelling van de vloot tot 2030. Beide exercities leiden tot een soortgelijk beeld qua ontwikkeling per jaar. Dit is de trend voor autonome ontwikkeling geworden.

Wat wordt bedoeld is dat over een periode van 2005 tot en met 2018 met daadwerkelijk data over de vlootsamenstelling is gekeken naar welke type toestellen en hoeveel op Schiphol vlogen. Van deze toestellen is de geluidscertificatiewaarden gebruikt om te komen tot een gemiddelde. Dit is gedaan voor de start en voor de nadering. Vervolgens is de trend bepaald tot het jaar 2030. Dat is gedaan middels extrapolatie. De trendlijn met bekende gegevens is doorgetrokken tot 2030.

Onderstaande komt uit het document ‘ inschatting Autonome vlootvernieuwing‘. Dat document is een bijlage die die verstuurd aan de EC als reactie op het besluit van de EC.,

Wat de minister schrijft is dat de vlootvernieuwing van KLM volledig is meegenomen in de Balanced Approach. Alle toestellen tellen mee in de trend voor de referentiesituatie. Het deel van de nieuwe toestellen dat meer is dan het gemiddelde en wordt afgeleverd in de periode november 2024 tot november 2025 is door het ministerie gebruikt als maatregel.

Om op een zuivere manier de ‘busines as usual’ te bepalen moet de overheid rekenen over een periode van vele jaren. Een bepaald type vliegtuig in de vloot wordt immers niet geleidelijk vervangen maar in een periode van een paar jaar. De pieken en dalen worden niet meegenomen want dat geeft geen zuiver beeld van de ontwikkeling van de geluidsbelasting.

De vlootvernieuwing en het tempo ervan van KLM telt dus niet als enige mee. Het ministerie van IenW heeft naar de ontwikkeling van alle vliegtuigen en van alle airlines gekeken. Dat KLM haar toestellen vervangt wil nog niet zeggen dat ook vele andere airlines hun vloot vervangen. Ook hier moet naar het gemiddelde over de vloot van alle airlines worden gekeken.

De toestellen van KLM, Transavia en andere home carriers die meer worden afgeleverd dan het gemiddelde zijn als maatregel meegenomen in de berekening. In de periode november 2024 tot november 2025 krijgen KLM en Transavia meer dan gemiddeld aantal nieuwe toestellen.

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *