|

Hoger beroep Schiphol vanwege vernietiging natuurvergunning. Verzoek om voorlopige voorziening

De rechtbank Den Haag heeft begin juni 2025 het besluit van de minister om Schiphol een natuurvergunning te verlenen vernietigd. Hierdoor is de exploitatie van de luchthaven door Royal Schiphol Groep (RSG) illegaal. De advocaat van Schiphol vraagt om een schorsing van de uitspraak, gaat in hoger beroep en verzoekt om een voorlopige voorziening.

De advocaat van Schiphol , De Brauw Blackstone Westbroek , heeft op 10 juli in een beroepschrift hoger beroep ingesteld. Ze vraagt tevens om een voorlopige voorziening. Dit is gelijk aan een kort geding waar de eiser de rechtbank vraagt om snel een zitting in te plannen.

SchipholWatch heeft het beroepschrift hier gepubliceerd. Wie haar dit document heeft verstrekt is niet duidelijk. De kans is groot dat dit via MOB is gegaan. Partijen die deelnemen in een rechtszaak krijgen van de rechtbank stukken gestuurd. MOB en SchipholWatch werken samen.

De natuurvergunning Schiphol is een complexe zaak. Sterk versimpeld komt het er op neer dat al zeker in 2019 bekend had moeten zijn bij Schiphol en ministeries dat Schiphol een natuurvergunning nodig had. Pas na een verzoek van MOB tot handhaving kwam er een uitspraak van de rechter. Die beval dat Schiphol een natuurvergunning moest aanvragen. Pas op 26 september 2023 verleende het ministerie de natuurvergunning. Door nieuwe rechtspraak van de Raad van State in december 2024 , gebaseerd op eerdere uitspraken van het Europese Hof, is de Raad van State en daardoor de rechtbank strenger geworden. Deze strengheid werd door experts al veel eerder voorzien.

De kern van het beroep van Schiphol is dat de rechtbank Den Haag de minister niet de gelegenheid heeft gegeven om nader te motiveren waarom er volgens haar wel wordt voldaan aan het additionaliteitsvereiste. Dit eist dat ruimte die middels bijvoorbeeld het opkopen van boerderijen eerst wordt ingezet voor herstel van natuur en wat er overblijft voor de activiteit. In dit geval de exploitatie van de luchthaven.

De advocaat geeft aan dat de rechtbank een bestuurlijke lus had moeten toepassen. Een bestuurlijke lus is een procedureel instrument in het Nederlandse bestuursrecht waarmee een bestuursrechter een bestuursorgaan de gelegenheid geeft om een gebrek in een besluit te herstellen tijdens de lopende beroepsprocedure. Dit voorkomt dat het besluit volledig wordt vernietigd, wat tijdrovend en inefficiënt kan zijn.

De toepassing van een bestuurlijke lus lijkt in deze zaak niet mogelijk. Volgens de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (bijv. ECLI:NL:RVS:2012:BW3873) hoeft een rechter geen bestuurlijke lus toe te passen als het bestuursorgaan niet aannemelijk kan maken dat herstel mogelijk is binnen korte tijd. Een bestuurlijke lus is bedoeld voor herstelbare gebreken zoals gebrekkige motivering of lichte procedurefouten – niet voor het ontbreken van de juiste juridische grondslag.

Het betoog van de advocaat lijkt niet erg realistisch. Uit de uitspraak van de rechtbank Den Haag blijkt dat de minister en Schiphol vele keren de gelegenheid hebben gehad om aan te tonen dat de vergunning voldoet aan de eisen van additionaliteit.

90. Verweerder heeft in het verweerschrift gemotiveerd dat het extern salderen voldoet aan het additionaliteitsvereiste, omdat de beëindiging van de bedrijfsactiviteiten van de saldogevende bedrijven niet nodig is als instandhoudingsmaatregel of passende maatregel. Verweerder heeft in zijn schriftelijke reactie van 28 januari 2025 op de uitspraken van de Afdeling van 18 december 2024 gemotiveerd dat ook de interne maatregelen (het salderen met de referentiesituaties en de overige interne maatregelen) voldoen aan het additionaliteitsvereiste, omdat deze ook niet nodig zijn als instandhoudingsmaatregel of passende maatregel. Verweerder heeft hiertoe verschillende rapporten overgelegd. Volgens verweerder blijkt uit deze aanvullende additionaliteitstoets dat bij de alsnog onderzochte natuurgebieden – rekening houdend met de voortgaande exploitatie van Schiphol – sprake zal zijn van een blijvende daling van stikstofdepositie. Daarmee wordt volgens verweerder aan het additionaliteitsvereiste voldaan.

In rechtsoverweging 123 schrijft de rechtbank:

123. De conclusie van al het voorgaande is dat aan de verleende natuurvergunning een aantal gebreken kleeft. De beroepen van MOB e.a. en de raad van de gemeente Nieuwkoop zijn gegrond. De rechtbank zal het bestreden besluit vernietigen omdat dit in strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Awb niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid en niet draagkrachtig is gemotiveerd. De rechtbank ziet geen aanleiding om verweerder de gelegenheid te bieden de geconstateerde gebreken in het bestreden besluit te herstellen (een zogenaamde bestuurlijke lus), omdat dit naar het oordeel van de rechtbank geen doelmatige en efficiënte manier is om deze zaak af te doen. Verweerder zal met inachtneming van deze uitspraak een nieuw besluit moeten nemen op de aanvraag van RSG.

De advocaat vraagt om een schorsing van de uitspraak van de rechtbank. Middels een schorsing blijft de natuurvergunning geldig. Deze is nu niet bestaand.

De belangen van Schiphol en derden zoals airlines dwingen volgens de advocaat tot een schorsing van de uitspraak. Dat zou passend zijn ” omdat aanvraag op de juiste uitgangspunten is gebaseerd en de berekening van emissies en deposities .. juist heeft plaatsgevonden”.

Schiphol geeft in de brief aan dat bij beperking van het aantal vluchten op Schiphol er een groot risico onstaat op retaliatie. Andere landen zullen KLM mogelijk verbieden op hun luchthavens te landen. Er zou sprake kunnen zijn van honderden miljoenen schade en een schok voor de economie.

Schiphol geeft aan dat nog geen 1 % van de totale depositie op Natura 200 gebieden is te herleiden naar Schiphol. De rest komt van andere bronnen zoals landbouw, wegverkeer en industrie.

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *