Veel van de kritiek op Artificial Intelligence lijkt van links te komen. Maar waarom?
Er wordt in Nederland veel geschreven en gesproken over AI. Een superinteressant onderwerp dat vele aspecten kent. AI is veel meer dan een softwareprogramma geschreven door een programmeur die precies weet wat het programma doet. Vorige week publiceerde het progressief-linkse Nederlandse opinie- en achtergrondmagazine Vrij Nederland een ingezonden brief, geschreven door een elftal Nederlandse AI-experts. Opvallend genoeg is de brief verborgen achter de betaalmuur. Ze gaven in de brief kritiek op de optredens van technologiejournalist en ondernemer Alexander Klöpping in het televisieprogramma Eva. Een van de kritiekpunten van de briefschrijvers is dat Klöpping te veel aan PR voor de AI-fabrikanten zou doen. Zijn waarschuwingen zouden vooral bedoeld zijn om te laten zien hoe goed de AI-software wel niet is. Een verkooppraatje dus dat o.a. kan helpen bij de beursgang.
Wat opvalt, is dat de kritiek op de mogelijkheden van AI en op enthousiaste vertellers als Klöpping in het Nederlandse debat vooral lijkt te komen van mensen die linkse ideeën hebben. Opinies als ‘witte mannen overheersen het debat’ en ‘inclusie van niet-westerse mensen in de digitale wereld’ en “praatjes van de techbro-community” lees je bij een aantal critici van AI. Maar ook: ‘AI is een papegaai die napraat wat mensen het dier hebben geleerd. Het kan niet zelfstandig denken op het niveau van een mens.’ Het toedichten van menselijke eigenschappen als het hebben van twijfel of dingen doen die niet mogen wordt ‘antropomorfiseren’ genoemd. Deze eigenschappen zou de AI-industrie, volgens critici, toedichten aan AI-oplossingen om de producten beter voor te laten doen dan dat ze zijn. Het Hugging Face incident zou volgens dezelfde critici niet zoveel voorstellen. De beveiliging was gewoon niet op orde, wordt gesteld.
Rutger Bregman, Nederlandse historicus, schrijver en opiniemaker, bekend om zijn maatschappijkritische boeken en essays en die niet bepaald als rechts bekendstaat, schreef een interessant artikel waarin hij schrijft dat het ontkennen van de mogelijkheden en capaciteit van AI een probleem van links is. Hij vergelijkt het met het ontkennen van klimaatverandering door rechts. Bregman geeft met veel voorbeelden aan dat meningen van links over AI worden weerlegd met feiten.
Bekijk de video of lees zijn artikel. Het is een aanrader.
https://rutgerbregman.substack.com/p/an-inconvenient-truth-about-ai
Natuurlijk moeten we als samenleving kritisch zijn op AI. Vrijwel iedereen is het erover eens dat er spelregels en wetten moeten komen om AI te beperken. Maar waarom lijkt vooral het linkse deel van de samenleving, in het bijzonder in Nederland, zo tegen AI te zijn?
Er is een aantal mogelijke verklaringen. De eerste is het enorme energieverbruik van de datacenters waar apparatuur is opgesteld om AI-software te kunnen maken en aanbieden aan klanten. Grofweg komt 55–60% van de elektriciteit voor Amerikaanse datacenters uit fossiele bronnen, voornamelijk aardgas. Dat heeft uiteraard gevolgen voor het klimaat. Linkse mensen zijn, en dat is terecht, over het algemeen meer bezorgd over klimaatveranderingen dan mensen met meningen die als rechts worden gezien.
Ook is er een angst dat bepaalde narratieven (verhalen) worden doorgedrukt door algoritmes van AI. Benioff is medeoprichter, CEO en grootaandeelhouder van Salesforce en persoonlijk eigenaar van TIME. Salesforce ontwikkelt o.a. Agentforce en eigen AI-modellen/diensten. Jeff Bezos, oprichter en grootaandeelhouder van AI- en techbedrijf Amazon en eigenaar van The Washington Post heeft ook aandelen in Anthropic, maker van AI.
Een ander bezwaar kan zijn dat de belangrijkste AI-makers grote bedrijven zijn waar enorm veel kapitaal in zit en die worden geleid door machtige mannen als Elon Musk. Kapitalisme en links gaan slecht samen. Vele critici denken dat AI een hoax is, een bubbel die op een gegeven moment barst of een ponzischema is.
Daarnaast worden de makers van AI, en vooral Musk, door links gezien als vreemdelingenhaters. Zie ook technofascisme.
Een derde mogelijke verklaring voor de antipathie tegen AI is de mogelijkheid dat AI het debat naar rechts laat kantelen. Met als gevolg meer stemmen voor rechtse partijen. Van sociale media wordt gesteld dat deze door sturing middels algoritmes gebruikers meer rechtse opinies laten zien in de timeline dan linkse opinies. Bij het platform van Elon Musk is dat zeker het geval. De angst kan zijn dat dit met AI alleen nog maar meer wordt versterkt. Wat als politici, journalisten en opiniemakers straks vooral AI gebruiken voor het krijgen van een opinie over een onderwerp?
De term Technofascisme wordt door critici genoemd. Het inzetten van technologie om autoritaire macht, controle en onderdrukking mogelijk te maken of te versterken. Denk hierbij aan een overheid die gezichtsherkenning, massasurveillance en AI gebruikt om burgers te volgen, politieke tegenstanders op te sporen of afwijkende meningen te onderdrukken.
Nog een andere motivatie van mensen met een voorkeur voor links om tegen AI te zijn is hun rechtvaardigheidsgevoel. Twee zaken spelen mogelijk een rol. AI-makers gebruiken enorm veel boeken en artikelen uit kranten en magazines om hun modellen te trainen. Maar betalen daar niet voor. Dat kan een inbreuk op het auteursrecht zijn. Daarnaast zijn er veel voorbeelden van situaties waar mensen die voor minder dan $2 per uur traumatische ChatGPT-data moesten beoordelen, onder extreme tijdsdruk, moesten werken en daar soms niet voor werden betaald (bron oa Time).
Tot slot speelt mogelijk mee de angst dat AI gaat zorgen voor uitsluiting of discriminatie van minderheden. Algoritmes zouden keuzes kunnen maken waardoor minderheden bijvoorbeeld eerder een controle krijgen van de Belastingdienst of het UWV.
Hoogleraar Informatica aan de Vrije Universiteit Amsterdam, Felienne Hermans, vertelde bij Buitenhof over de gevaren.
Ik ben benieuwd naar jouw mening. Laat deze achter in de comments.