Opvallend: richtlijn document voor natuurdoelanalyse nergens te vinden
Een document dat is gebruikt als richtlijn voor het opstellen van een aantal natuurdoelanalyses is nergens online te vinden. Volgens het Interprovinciaal Overleg is het document niet bestuurlijk vastgesteld.
De EU heeft lidstaten verplicht om bepaalde natuurgebieden te beschermen. De kwaliteit van deze zogenaamde Natura 2000 gebieden moet ten opzichte van het moment van aanwijzing als beschermd natuurgebied ten minste gelijk blijven maar beter nog verbeteren. Dit is de instandhoudingsplicht. Zolang er sprake is van een verslechtering heeft dat enorme invloed op o.a. de verlening van vergunningen voor woningbouw of aanleg van wegen.
De EU verplicht lidstaten middels de Europese Habitatrichtlijn om periodiek voor ieder Natura 2000 gebied een zogenaamd natuurdoelanalyse rapportage op te stellen. In die rapportage wordt beschreven hoe het met de kwaliteit van vegetatie, water en dieren in het beschermde gebied gaat. Daarbij is het natuurlijk belangrijk dat er een nulmeting ook wel referentiesitutie is die beschrijft welke soorten er waren op moment van de aanwijzing. Anders is het onmogelijk om een verbetering vast te stellen.
De Ecologische Autoriteit toetst of in de natuurdoelanalyses op de juiste wijze conclusies worden getrokken over de ontwikkelingen in de beschermde natuurwaarden.
Voor het opstellen van een natuurdoelanalyse is het enorm belangrijk dat dit volgens een bepaalde standaard gaat. Anders wordt er gemeten met twee of meer maten. Een dergelijke rapportage moet dus het resultaat zijn van een consistente, heldere, navolgbare en transparante uitvoering van de doelanalyses in de verschillende Natura 2000 gebieden.
Er zijn een beperkt aantal bedrijven in Nederland die voldoende kennis en ervaring hebben om natuurdoelanalyses te maken. Voorbeelden van de grotere bedrijven zijn Antea en Arcadis.
Echter is er geen landelijke maatlat oftewel richtlijn die aangeeft hoe een natuurdoelanalyse moet worden opgesteld. Een maatlat opgesteld in 2019 door de firma Tauw heeft een merkwaardige status. Diverse documenten verwijzen naar het document, genaamd ‘Beoordeling van de kwaliteit van habitattypen. Uitwerking methode en aanbevelingen voor verdere uitwerking‘
In het document met de titel METHODIEKEN NATUURDOELANALYSES PROVINCIE ZUID-HOLLAND Provincie Zuid-Holland wordt verwezen naar dit stuk door Tauw (2019) te vermelden.
Het document is echter nergens online te vinden!
Op Kamervragen van de SGP antwoordde de toenmalige minister begin 2024 dat het document ” wordt gepubliceerd op de website van het Interprovinciaal Overleg (IPO).”.
Op vraag 5 van de SGP: Is de veronderstelling juist dat het gehanteerde beoordelingskader, zoals opgesteld door Tauw, bestuurlijk nog niet is vastgesteld, mede omdat het nog veel vragen oproept? was het antwoord van de minister:
Dat is juist. Er zijn al enige tijd gesprekken gaande tussen provincies en Rijk hoe over het beoordelingskader duidelijke afspraken gemaakt kunnen worden, met inachtneming van enerzijds de landelijke kaders en anderzijds de beleidsruimte die provincies hebben. De urgentie daarvoor is toegenomen door enerzijds de (uiteenlopende) beoordelingen in de natuurdoelanalyses en anderzijds de (verwachte) Natuurherstelverordening, waarin definities en bepalingen staan die vragen om een nadere uitwerking die voor alle gebruikers eenduidig is.
Echter in november 2025 is dat document nergens te vinden op de website. De redactie benaderde daarop de woordvoerder van IPO met een aantal vragen. Deze bevestigde dat het document niet op de website staat. Het is voor IPO ” niet gebruikelijk om stukken die niet bestuurlijk zijn vastgesteld, te publiceren. Het is een ambtelijk stuk dat niet met anderen kan worden gedeeld.”
Op de vraag van de SGP : Hoe gaat u zorgen voor zowel een uniforme als een adequate beoordeling van de (ontwikkeling van de) kwaliteit van habitattypen op gebiedsniveau in natuurdoelanalyses en beheerplannen? antwoorde de minister in 2024:
Zoals in antwoord 5 is vermeld, zijn hierover al enige tijd gesprekken gaande. Mijn indruk is dat er bij de provincies bereidheid bestaat om hier goede afspraken over te maken. In dit verband worden door rijk en provincies voorbereidingen getroffen voor een nadere concretisering van de (nu vaak nog vrij globale) instandhoudingsdoelen in de aanwijzingsbesluiten.
Flach diende in 2024 een motie in die werd aangenomen. In de motie staat :
constaterende dat onder meer de Ecologische Autoriteit erop wijst dat bij het monitoren en beoordelen van de ontwikkeling van de kwaliteit van Natura 2000-natuur:
- een uniform monitoringssysteem ontbreekt;
- de aanwezigheid van typische soorten op verschillende manieren beoordeeld wordt;
- beschikbare gegevens, zoals in de Nationale Databank Flora en Fauna, onvoldoende worden gebruikt;
- onvoldoende inzicht gegeven wordt in de lokale, regionale bronnen van stikstofbelasting, de natuurkwaliteit op het moment van aanwijzing van een gebied en de abiotiek;
- goede landschapsecologische systeemanalyses vaak ontbreken;
- onvoldoende rekenschap gegeven wordt van recente herstelmaatregelen;
verzoekt de regering op korte termijn afspraken te maken met provincies en terreinbeherende organisaties over volledige, adequate en eenduidige monitoring en beoordeling van de ontwikkeling van de natuurkwaliteit en het onderliggende ecosysteem ten opzichte van de referentiedatum, en de Kamer hierover te informeren voor het commissiedebat Stikstof, NPLG en natuur
In juni 2025 stelde Tweede Kamerlid Flach wederom vragen over de natuurdoelanalyse.
De Handreiking Natuurdoelanalyses opgesteld door BIJ12 lijkt nu het leidende document.